Eind december 2025 verscheen het Vlaams Actieplan Veilig Online 2026-2029. Ik ben bijzonder vereerd dat ik mocht bijdragen aan de totstandkoming ervan, vanuit vier van de vijf werkgroepen.
Dat klinkt als een administratief detail. Dat is het niet. Wie in werkgroepen zit, weet dat daar de echte keuzes gemaakt worden, lang voor er een persbericht is.
Wat dit plan goed doet
Dit actieplan kiest niet voor snelle slogans of schijnoplossingen. Het kiest voor nuance, realiteitszin en een duidelijke verankering in kinderrechten en fundamentele rechten.
Dat is minder vanzelfsprekend dan het lijkt. In het debat over kinderen en sociale media is de verleiding groot om te grijpen naar de meest zichtbare maatregel. Een verbod, een leeftijdsgrens, een avondklok. Zo’n maatregel oogst applaus, maar verplaatst het probleem vaak gewoon naar minder gereguleerde platformen.
Dit plan doet het omgekeerde. Het vertrekt van kennis, onderzoek en gedeelde verantwoordelijkheid in plaats van van angst. Beschermen waar nodig, versterken waar mogelijk.
Silo’s doorbroken
Wat me het meest opviel, is de kruisbestuiving tussen media, onderwijs, jeugd, welzijn, justitie en digitalisering.
Dat is de kern van waarom dit plan kan werken. Online veiligheid van kinderen is geen mediadossier, en ook geen onderwijsdossier. Een jongere die het slachtoffer wordt van sextortion heeft tegelijk een school nodig die reageert, een hulpverlener die luistert, een politiedienst die de klacht ernstig neemt en een platform dat de beelden verwijdert. Als die vier niet met elkaar praten, valt de jongere ertussen.
Beleid dat over de bevoegdheidsgrenzen heen wordt gemaakt, is dus geen bestuurlijke luxe. Het is de voorwaarde.
Mijn oprechte dank en appreciatie gaat uit naar Vlaams minister van Brussel en Media Cieltje Van Achter, die dit coherente en evenwichtige plan samen met haar collega-ministers realiseerde. En bijzonder veel dank aan Emma Van De Velde als trekker vanuit het Departement Cultuur, Jeugd en Media.
Waarom dit voor Mediavista belangrijk is
Deze visie sluit naadloos aan bij wat ik met de Hackxposed! Conference wil bereiken: stakeholders samenbrengen, voorbij de polarisatie, en bouwen aan een doordacht, mensgericht en toekomstbestendig beleid rond online veiligheid en mediawijsheid.
Het sluit ook aan bij het werk op de klasvloer. Als beleidsondersteuner online welzijn voor scholengemeenschappen in het Waasland vertaal ik dit soort kaders naar wat een school er morgen mee doet. Van geïsoleerde projectdagen naar een duurzame mediawijze en cyberbewuste schoolcultuur, van de kleuterklas tot het laatste jaar secundair.
Een actieplan op papier verandert niets zolang het niet in een leraarskamer landt. Dat is precies het werk dat ik met Mediavista opneem: beleidsteksten omzetten in beleidsdocumenten, methodieken en campagnes die een school effectief kan gebruiken.
Wat er nu moet gebeuren
Een plan van vier jaar staat of valt met de opvolging. Drie dingen bepalen wat mij betreft of dit slaagt:
- Middelen die de looptijd halen. Sensibilisering is het eerste wat sneuvelt bij besparingen, en het effect ervan is pas zichtbaar na jaren.
- Afstemming met het federale niveau. Het verschil in visie tussen Vlaanderen en de federale overheid dreigt te leiden tot inconsistent beleid. Dat is het laatste wat kinderen en jongeren nodig hebben.
- Handhaving van de Digital Services Act. Educatie en regulering zijn geen alternatieven voor elkaar. Ze zijn twee helften van hetzelfde antwoord.
Vlaanderen kan hierin een voortrekkersrol blijven spelen. Doordacht beleid in plaats van steekvlampolitiek.


